Belangenverstrengeling en inleidende overwegingen aanlevering stukken; beroepsverbod

TRB-2016-3508-TC-2
Tuchtcommissie, 1 maart 2017

Vervolg op tussenbeslissing van 19 september 2016

1. De Tuchtcommissie geeft inleidende overwegingen over de aanlevering van interne onderzoeksrapporten die ten grondslag worden gelegd aan de tuchtprocedure. De Tuchtcommissie stelt zich op het standpunt dat deze rapporten in niet-geanonimiseerde vorm moeten worden aangeleverd, om aan adequate waarborgen voor een behoorlijke procesgang te voldoen.

2. Verweerder heeft zich naar het oordeel van de Tuchtcommissie schuldig gemaakt aan belangenverstrengeling. Verweerder was, in zijn hoedanigheid als werknemer van de bank, financieel adviseur van de cliënte. Daarnaast is verweerder in de privésfeer een hypothecaire financiering met cliënte aangegaan. Verweerder had zich, gelet op zijn professionele relatie met cliënte, hiervan moeten onthouden en heeft verweerder de belangen van de klant niet centraal gesteld. Voor de overboeking van het geld van de cliënte dat nodig was om de koopprijs van de woning te voldoen, heeft verweerder voorts gebruik gemaakt van de interne systemen van de bank die daarvoor niet zijn bedoeld. Hiermee heeft verweerder in strijd gehandeld met de interne regels. Toen deze opdracht werd geweigerd heeft Verweerder getracht zijn eigen betrokkenheid bij de transactie te verbergen. De Tuchtcommissie legt verweerder de aanwijzing op dat hij gedurende een periode van een jaar niet werkzaam mag zijn in de bancaire sector.

De naam van de beëdigde wordt opgenomen in het door banken inzichtelijke register van Stichting Tuchtrecht Banken.

Download de volledige uitspraak hier: TRB-2016-3508-TC-2.

 

Bekijken klantgegevens zonder zakelijke aanleiding; beroepsverbod

TRB-2016-3542-TC
Tuchtcommissie, 30 november 2016

Verweerster heeft zonder zakelijke aanleiding veelvuldig klantgegevens bekeken. Dergelijk handelen was haar op grond van de interne regels van de bank niet toegestaan. De stelling van verweerster dat mogelijk anderen op haar werkplek met haar account klantgegevens zouden hebben bekeken acht de Tuchtcommissie niet aannemelijk geworden. Verweerster heeft door haar handelen de door haar afgelegde bankierseed en de daaraan verbonden gedragscode (in het bijzonder de artikelen 1 en 4) geschonden.

De Tuchtcommissie legt verweerster de aanwijzing op dat zij gedurende een periode van zes maanden niet werkzaam mag zijn in de bancaire sector. De Tuchtcommissie acht hierbij relevant dat het dienstverband van verweerster in verband met de geconstateerde gedragingen door de bank is geëindigd en dat de bank de gegevens van verweerster reeds in een tweetal registers heeft opgenomen, als gevolg waarvan verweerster naar verwachting langdurig niet in de bancaire sector werkzaam kan zijn.

De naam van de beëdigde wordt opgenomen in het door banken inzichtelijke register van Stichting Tuchtrecht Banken.

Download hier de uitspraak van de Tuchtcommissie: TRB-2016-3542-TC

Werkingsgebied bankierseed; privé-handelingen

TRB-2016-3536-TC
Tuchtcommissie, 30 november 2016

Verweerder ontvangt een geldbedrag op zijn privé-rekening, waarvan hij wist dat dit geld niet voor hem bedoeld was. In plaats van de fout te herstellen, boekt verweerder het geldbedrag over naar verschillende rekeningen, waaronder de bankrekening van zijn vriendin. Pas na lang aandringen herstelt verweerder de fout en stort hij het geld terug naar de klant van de bank, van wie het geld afkomstig was. De Tuchtcommissie is van oordeel dat het handelen van verweerder niet valt onder het bereik van de afgelegde bankierseed. Verweerder heeft immers geen handelingen verricht in de uitoefening van zijn functie en daarmee binnen de grenzen van zijn functie. Dat verweerder de handelingen heeft verricht tijdens werktijd en dat de overboeking afkomstig was van een klant van de bank waar verweerder werkzaam was, maakt dit niet anders. Volgt niet-ontvankelijkverklaring klager.

Update 2 januari 2017: tegen de beslissing is beroep aangetekend door de aanklager.
Update 24 maart 2017: de Commissie van Beroep heeft de uitspraak van de Tuchtcommissie vernietigd. Meer leest u hier.

Download hier de uitspraak: TRB-2016-3536-TC

Ten onrechte blokkeren betaalrekening; gegronde klacht zonder oplegging maatregel

TRB-2016-3548-TC
Tuchtcommissie, 5 oktober 2016

Vervolg op herzieningsverzoek (TRB-2016-3548-HV). Verweerder heeft de bankrekening van melder geblokkeerd, nadat door de bank diverse pogingen waren gedaan om in contact te komen met de melder. Het blokkeren van de betaalrekening was onder de gegeven omstandigheden op grond van interne regels van de bank niet toegestaan. Verweerder heeft de blokkering niet besproken met zijn leidinggevende. Het is aannemelijk dat melder van de blokkering van zijn rekening hinder heeft ondervonden. Gelet hierop heeft verweerder geen zorgvuldige afweging van belangen gemaakt en de belangen van de klant onvoldoende centraal gesteld. De Tuchtcommissie verklaart de klacht gegrond, maar legt aan verweerder geen maatregel op.

Download hier de uitspraak: TRB-2016-3548-TC

Tussenbeslissing over aanlevering onderzoeksrapporten

TRB-2016-3508-TC-1 en TRB-2016-3540-TC-1
Tuchtcommissie, 19 september 2016

Op 12 juli 2016 heeft een vergadering plaatsgevonden in twee zaken, waarna door de Tuchtcommissie een tussenbeslissing is gewezen. Op deze vergadering zijn de zaken niet inhoudelijk behandeld, maar is uitsluitend aan de orde geweest op welke wijze afschriften van onderzoeksrapporten van de bank moeten worden aangeleverd. De Tuchtcommissie heeft geconstateerd dat een deel van de onderzoeksrapporten – voor zover dit persoonsgegevens betreft – onleesbaar is gemaakt. De Tuchtcommissie beslist in de tussenbeslissing dat het dossier zal worden aangevuld met een afschrift van het onderzoeksrapport van de bank dat slechts geanonimiseerd zal zijn ten aanzien van namen, telefoonnummers, rekeningnummers en e-mailadressen van cliënten. De namen dienen daarbij te worden vervangen door een vaste letter per naam. Daarnaast wordt de Algemeen directeur de opdracht gegeven een zienswijze aan de Autoriteit Persoonsgegevens te verzoeken aangaande de vraag of documenten, die in het kader van de tuchtprocedure door banken worden overhandigd aan de Algemeen directeur respectievelijk de Tuchtcommissie en waarin gegevens van derden worden genoemd, in niet geanonimiseerde vorm mogen worden verstrekt.

Download hier de tussenbeslissingen:  TRB-2016-3508-TC-1 en TRB-2016-3540-TC-1

Op 1 maart 2017 heeft de Tuchtcommissie uitspraak gedaan naar aanleiding van de door de Algemeen directeur voorgelegde klacht. Klik op de link voor de uitspraak TRB-2016-3508-TC-2 en voor uitspraak TRB-2016-3540-TC-2